3 oktober in Leiden: feest met een eigen historie

Feest in Leiden

De 3 October Vereeniging is 125 jaar geleden niet alleen opgericht om jaarlijks het Leidens Ontzet, de overwinning op de Spanjaarden, te vieren. Ook het bevorderen van vaderlandsliefde en het beschaven van het gewone volk door de burgerij stonden hoog op de agenda. Maar zonder ingrijpen van de Leidse studenten was er helemaal geen viering meer geweest!

Door: Arita Jol

De echte ‘Leienaar’ kijkt er maanden naar uit: 3 oktober, Leidens Ontzet. Op die dag in 1574 verjoegen de Geuzen van Willem van Oranje (1533-1584) de Spaanse troepen en deelden zij haring en wittebrood uit aan de hongerende bevolking. Het feest is door de jaren uitgegroeid van lofuitingen op de grootse daden van het Nederlandse volk tot het grootste volksfeest boven de rivieren.

In februari 1575, vier maanden na het Spaanse beleg, werd in Leiden de eerste universiteit in de noordelijke Nederlanden gevestigd. Een beloning voor de standvastigheid van de stad. De verbondenheid tussen de Leidse Universiteit en 3 oktober zou cruciaal blijken voor het handhaven van de viering.

Vlag uit

Aanvankelijk werd 3 oktober sober gevierd met een herdenkingsdienst en een vrije dag voor de Leidse arbeiders. In 1823 besloot het stadsbestuur dat Leids Ontzet voortaan op zondag gevierd zou worden, dat scheelde weer een vrije dag. Hierop kwam studentensociëteit Minerva in actie. De roemruchte daden van het voorgeslacht mochten niet vergeten worden!

Alle studenten werden opgeroepen op 3 oktober de vlag uit te hangen. De studenten deelden haring en wittebrood uit ‘aan Leydens nooddruftige ingezetenen.’ Ook werden volksspelen georganiseerd, met zaklopen en mastklimmen, waarmee mooie prijzen te winnen waren: een zilveren tabaksdoos of een horloge aan een ketting. Het werd een groot succes en de gemeente haalde bakzeil.

Bindmiddel in roerige tijd

De studenten hadden de tijdgeest goed aangevoeld, de vaderlandsliefde nam ongekende vormen aan. De belegering van Leiden, met burgerij die dapper standhield tegenover de Spaanse overheersers, werd een schoolvoorbeeld van de grootsheid van het Nederlandse volk van weleer.

Willem van Oranje, de Vader des Vaderlands als leider van het verzet, maakte het plaatje compleet. En dat symbool was wel nodig. Nederland was in de 19e eeuw dan wel een koninkrijk geworden onder het huis Van Oranje, maar eenheid was ver te zoeken. Denk alleen al aan de afscheiding van België binnen twintig jaar na de vestiging van het koninkrijk en je begrijpt dat het koningshuis de nodige obstakels te overwinnen had. De suggestie dat een eensgezind Nederland onder aanvoering van een Oranje al een eeuwenoude traditie was, was een prachtig bindmiddel in deze roerige tijd.

Heldendaad?

Burgemeester Van der Werf (1529/1604)Het derde eeuwfeest van Leidens Ontzet in 1874 kon dan ook rekenen op massale belangstelling. Historicus Robert Fruin (1823-1899) beweerde bij deze gelegenheid stellig dat de Gouden Eeuw te danken was aan de moed en volharding van deze Nederlanders in de 16e eeuw! Leidens standvastigheid werd zo in stelling gebracht als symbool van nationale trots.

Er kwam een standbeeld voor de plaatselijke held. Elk Leids kind kent de heldendaad van burgemeester Van der Werf (1529/1604) tijdens het Ontzet: toen de hongerige burgers zich wilden overgeven, bood hij hen zijn eigen lichaam aan. Wat een toonbeeld van zelfopoffering!

Saillant detail is dat in de getuigenissen uit de tijd van het beleg niets terug te vinden is van dit verhaal. Integendeel. Van der Werf werd direct na het beleg door Willem van Oranje ontslagen omdat hij had willen onderhandelen met de Spanjaarden. Het verhaal van de opoffering is bedacht om de reputatie van Van der Werf op te vijzelen, en met succes.

Van der Werf is het symbool van het Ontzet geworden. Vol trots loopt zijn alterego op 3 oktober in historisch kostuum door de stad.

Oproer op de loer

In 2011 is het 125 jaar geleden dat de 3 October Vereeniging werd opgericht, speciaal om de viering van Leidens Ontzet elk jaar te organiseren. Studentensociëteit Minerva kreeg een plek in het bestuur als dank voor de bijdrage aan het in stand houden van de viering. De Vereeniging stelde de stad Leiden zelf centraal bij de viering. Hierdoor kon iedereen, ongeacht klasse, religie, arm of rijk, zich erin herkennen. Dat was belangrijk, omdat dit de tijd was van voelbare spanningen tussen sociale groepen. Politieke partijen en vakbonden ontstonden en tegenstellingen werden scherp gevoeld en geuit. Oproer lag op de loer.

Het is niet toevallig dat de oprichtingsbrief stelt dat de les van 3 oktober 1574 is ‘dat een volk, in zichzelf verdeeld ten gronde moet gaan’. De suggestie van het eensgezinde Nederlands volk was duidelijk aangeslagen.

Feest der beschaving

De Vereeniging had ook een opvoedkundig doel. Het gewone volk kon hiermee bijgebracht worden dat feesten ook beschaafd kon, zonder zuip- en vechtpartijen. Door een gezamenlijke viering kon het volk zich optrekken aan de beschaafde burgerij, en zou verdeeldheid en onrust plaatsmaken voor stedelijke harmonie.

Niet iedereen kon beschaafd worden, zo naïef waren de oprichters nu ook weer niet. Alleen het deugdzame volk mocht deelnemen. Alle rangen en standen der bevolking konden tot de vereniging toetreden, ‘except de totaal onbeschaafden’.

Overwinning op de burgerij

Drank werd – ook toen al – gezien als grote boosdoener voor de ordeverstoring. Toen na een paar jaar de feestelijkheden moesten worden verplaatst naar de Beestenmarkt leidde dat dan ook tot heftige discussies in de Vereeniging. Vieringen zo dichtbij herbergen en cafe’s zouden demoraliserend werken op het volk.

Problemen met de ordeverstoring hadden eerder al geleid tot het opdoeken van de Leidse zomerkermis. In 1888 deed de kermis zijn intrede bij de 3 oktoberviering, maar vanwege deze voorgeschiedenis werd de naam zorgvuldig vermeden: dat werd Avondfeest. Dat de kermis is uitgegroeid tot de belangrijkste attractie voor de jeugd op 3 oktober, lijkt een overwinning van het volk op de burgerij.

40.000 haringen, 20.000 broden

Burgemeester Van Kinschot deelt haring uit, 1960 (foto: Wikimedia)Is het gelukt het Leidse volk beschaafd te leren feesten? Als je luistert naar het – onofficiële – volkslied van Rubberen Robbie, dat begint met de weinig verheffende tekst: ‘Drie oktober, drie oktober, dan zijn we als een bal’, zou je denken dat de Vereeniging jammerlijk heeft gefaald.

Toch werpt heel Leiden en omstreken zich elk jaar vol overgave in het feestgedruis. De 3e oktober begint ’s ochtends met haring en wittebrood op de nuchtere maag: in een paar uur gaan er 40.000 haringen en 20.000 broden doorheen!

Een dag eerder al trekt De Grote Taptoe door Leiden, de optocht van alle Leidse sport- en muziekverenigingen, waarbij de ene helft van Leiden kijkt naar de langstrekkende andere helft. ’s Avonds wordt met de traditionele hutspot een bodem gelegd voor een lange kroegentocht, met veel livemuziek, waar oude vriendschappen herleven en nieuwe gesloten worden.

De vaderlandsliefde is naar de achtergrond verdwenen, maar de Leidse saamhorigheid is zeker geslaagd.

Verder lezen & kijken:


©GeschiedenisBeleven.nl, auteur: Arita Jol, eindredactie: Margriet Pflug, foto’s: Wikimedia en Flickr (cc)

Leestips