Dinsdag 22 Mei 2012
De Lakenhal brengt de Renaissance naar Leiden
Gepubliceerd op: 11 april 2011, auteur: Bas Vogel
Het drieluik Het Laatste Oordeel van de 16e eeuwse schilder Lucas van Leyden uit Leiden is de climax van een imposant oeuvre en de apotheose van de tentoonstelling Lucas van Leyden en de Renaissance in Museum De Lakenhal. Eerst zul je echter een omvangrijke tentoonstelling moeten doorkruisen.
![]() |
Je wordt als bezoeker meegenomen door de carrière van de Leidse kunstenaar die begint in de leer van Cornelis Engebrechtsz rond het begin van de 16e eeuw. En na een groot aantal prenten en schilderingen van tijdgenoten mogen de drie topstukken van Lucas van Leyden bewonderd worden.
Cornelis Engebrechtsz
Leermeester van Lucas van Leyden (ca. 1494- 1533) was Cornelis Engebrechtsz (ca. 1462- 1527); een lokale kunstenaar die naam had gemaakt met religieuze kunst voor regionale opdrachtgevers. Engebrechtsz was een kunstenaar die leiding gaf aan een groot atelier waar een hoge productie de kwaliteit soms in de weg stond. Lichaamshoudingen en perspectief vormden regelmatig struikelblokken, maar op de imposante drieluiken zijn dergelijke onzuiverheden niet storend. Ook de originaliteit van het werk van Engebrechtsz is twijfelachtig, en kenners van de Vlaamse Primitieven zullen composities van Jan van Eyck en Rogier van der Weyden herkennen. Het grote aantal werken in de zaal gewijd aan Engebrechtsz is overweldigend, en zeker van een goede kwaliteit.
Albrecht Dürer
Lucas van Leyden ging in 1521 naar Antwerpen en ontmoette daar kunstenaar en humanist Albrecht Dürer (1471- 1528). Een aanzienlijk deel van de tentoonstelling is gewijd aan de vermeende persoonlijke en stilistische relatie tussen Dürer en Van Leyden. Prenten van beide kunstenaars zijn naast elkaar gehangen waardoor je gelijksoortige voorstellingen met elkaar kunt vergelijken. Dürer is waarschijnlijk de bekendste graveur ten noorden van de Alpen, maar de prenten van Lucas van Leyden hangen hier zonder gezichtsverlies naast.
Het werk van Lucas van Leyden komt uit de stilistische periode na de Vlaamse Primitieven en nog vóór de beweeglijke - door Italiaanse voorbeelden beïnvloedde - Vlaamse Barok. Van Leyden heeft deze verandering ook doorgemaakt; zijn vroege werk herinnert sterk aan de oude Vlaamse meesters, terwijl het late werk een Italiaans en beweeglijk voorkomen heeft. De tentoonstelling behandelt de oorzaak van deze verandering, maar komt niet tot een bevredigend antwoord. De omgang met Dürer wordt veelvuldig genoemd, maar er wordt voorbijgegaan aan de Antwerpse schilderkunst omstreeks het jaar 1521. Antwerpen
Omstreeks 1490 veranderde Antwerpen van een marginale stad in cultureel centrum. Dit uitte zich ook in de schilderkunst. Zoekend naar een nieuwe stedelijke identiteit ontstond het Antwerps Maniërisme. Het is aannemelijk dat het Antwerps Maniërisme is beïnvloed door de Italiaanse Renaissance. Beide kunststromingen tonen beweeglijke en dramatische figuren, vaak gekleed in extravagante gewaden. Het is niet verwonderlijk dat er veel parallellen te trekken zijn tussen Italiaanse kunst en de Antwerpse stroming. Het Antwerps Maniërisme is niet uitsluitend Antwerps; stilistische overeenkomsten zijn ook in de Leidse school terug te vinden.
Lucas van Leyden was in Antwerpen gedurende de hoogtijdagen van het Antwerps Maniërisme. Het werk van de Leidse kunstenaar, vervaardigd na 1521, toont veel gelijkenis met de Antwerpse schilderkunst. Het Laatste Oordeel van Lucas van Leyden uit 1526 zou het werk van een Antwerpse Maniërist kunnen zijn. Dat hij zich meer heeft laten inspireren door de Antwerpse kunstenaars dan door Dürer lijkt aannemelijk, maar is een gegeven waaraan de tentoonstelling compleet voorbij gaat.
Unicum
Vervolgens komt een aantal tijdgenoten van Lucas van Leyden aan bod. Eén zaal is gewijd aan Jan Wellens de Cock (ca. 1480- 1528); een kunstenaar met een onduidelijke identiteit en een schilderstijl die herinnert aan Jheronimus Bosch en Joachim Patenir. Wellens de Cock was een kundig kunstenaar en dat is zichtbaar in de tentoongestelde werken. Aertgen van Leyden (ca. 1498- ca. 1564), een leerling van Cornelis Engebrechtsz, krijgt ook een eigen ruimte maar was helaas een matig kunstschilder met een oeuvre op basis van toeschrijvingen.
Door de geschetste context kun je de schilderingen van Lucas van Leyden in een traditie plaatsen, en ben je klaar voor de drie topstukken van de Leidse kunstenaar: Christus geneest de Blinden uit 1531, Dans om het Gouden Kalf uit 1530 en Het Laatste Oordeel. Deze werken zijn te zien in een indrukwekkend lege zaal met uiteraard een centrale positie voor Het Laatste Oordeel. Een unicum; nooit eerder zijn deze schilderingen gezamenlijk tentoongesteld.
Aartsengel
Het drieluik met Het Laatste Oordeel is de eerste in zijn soort in de Noordelijke Nederlanden. Christus bekleedt een centrale positie in de schildering, waar deze traditioneel werd ingenomen door Aartsengel Michael. Dit is een opvallende verandering die uit Italië afkomstig kan zijn. Ook de naakte lichamen op het middenpaneel kennen in de Noordelijke Nederlanden geen precedent. Lucas van Leyden bracht met dit werk de Italiaanse Renaissance naar Leiden.
Lucas van Leyden en de Renaissance is naast een onverwacht grootse tentoonstelling, vooral onverwacht geslaagd. Door het grote aantal hoogwaardige werken uit beroemde mondiale musea zou je bijna vergeten dat er betrekkelijk weinig schilderingen van Lucas van Leyden te zien zijn; afgezien van de drie topstokken, is er slechts een enkele schildering van Lucas van Leyden in een andere zaal terug te vinden. Desondanks is er veel moois te zien en is de tentoonstelling zeker een aanrader.
► Lucas van Leyden en de Renaissance is nog tot 26 juni 2011 te zien in De Lakenhal te Leiden.
.jpg)
Foto: Het Laatste Oordeel van Lucas van Leyden
©GeschiedenisBeleven.nl, auteur: Bas Vogel, foto's: De Lakenhal
Meer items: Musea

Musea

.jpg)

